Volgens de legende hoorde deze vrouw van een arme lakenwever uit Brussel op zekere dag hemelse stemmen. Deze vertelden haar dat de Maagd Maria de stad wenste te begunstigen en meer bepaald de Kruisboogschuttersgilde, die op de Zavel een kapel had opgericht ter ere van Onze-Lieve-Vrouw.

Beatrijs kreeg van de stemmen de opdracht zich naar Antwerpen te begeven om er het miraculeuse beeldje van O.L.V. op ’t Stokske te ontvoeren en naar Brussel over te brengen. Er werd aangedrongen op de snelle uitvoering van de opdracht. Met haar man roeide ze in een minimum van tijd naar Antwerpen. Hier begaf Beatrijs zich rechtstreeks naar de O.L.V.-kerk en nam het beeld mee. De koster, die zich ertegen verzette, stond roerloos, als van Gods hand geslagen. Beatrijs spoedde zich vervolgens met het beeld naar het bootje. Tegen wind en stroomopwaarts ging de terugtocht slechts moeizaam vooruit. Tot bovenaardse krachten hen ter hulp kwamen : het bootje snelde opeens over het water naar Brussel en strandde vlak bij het oefenterrein van de Schuttersgilde.

De onverwachte verschijning van het bootje, omhuld in een vreemde schemering en vergezeld van zoete muziek, bracht heel wat deining teweeg in de buurt. Ondervraagd over dit gebeuren deed Beatrijs haar verhaal. Men riep “wonder” en “mirakel”, te meer daar ook de Antwerpenaars zich neerlegden bij deze buitengewone gebeurtenis. Nooit, gaven ze toe, zou een eerlijke en godsvrezende vrouw zoals Beatrijs, haar hand durven leggen op een alom vereerd beeld, zonder er door een bovennatuurlijke kracht toe gedwongen te zijn. Zij vroegen dat het beeld tot openbare verering zou worden tentoongesteld. Er werd besloten het O.L.V. op ’t Stokske in de kapel aan de Zavel onder te brengen. Bovendien werd beloofd op de plaats van deze kapel een grotere kapel op te richten en jaarlijks het O.L.V.-beeld, onder de bescherming van de gewapende Gildebroeders, processiegewijs rond te dragen.

Zo ontstond, volgens de legende, de Ommegang in Brussel : een uiting van diepe godsvrucht ondersteund door een militaire garde.
Het duurde niet lang of de Ommegang werd dé grote jaarlijkse gebeurtenis in de stad. De magistraat, de ambachten, gilden en Rederijkerskamers namen er hun plaats in en zo ontstond die prachtige stoet die door de eeuwen heen, tot op heden, in ere werd gehouden. In 1928 werd de Vereniging “Ommegang Oppidi Bruxellensis” opgericht, die zich tot taak stelde jaarlijks de voornaamste groepen uit de eeuwenoude Ommegang op de Grote Markt in Brussel te laten defileren.

Sourced through Scoop.it from: www.figy.be

See on Scoop.itDiscover Brussels – Brussel ontdekken – Découvrez Bruxelles

Advertisements