Gabrielle Petit (Doornik, 20 februari 1893 – Schaarbeek, 1 april 1916) was een Belgisch verzetsheldin uit de Eerste Wereldoorlog.
Ze werd samen met haar zus in een weeshuis geplaatst door haar vader na het overlijden van hun moeder. Als ze 16 was verliet ze de zusters om in Brussel te gaan wonen. Als vrouw alleen was het dan zeker geen makkelijk leven. Ze was vaak depressief en ondernam zelfs een zelfmoordpoging.

Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog was ze verloofd met een militair. Alhoewel ze het liefst aan de zijde van haar verloofde zou strijden, gaf ze zich op als vrijwilligster voor het Rode Kruis. Later trad ze in dienst van de Britse Inlichtingendienst. In Engeland kreeg ze een korte opleiding die haar moest voorbereiden op spoorwegspionage. De Duitse troepenbewegingen per spoor werden door haar doorgegeven aan de geallieerden. Gebruikmakend van vermommingen reisde ze door België onder de schuilnaam Legrand (de grote, het omgekeerde van haar echte naam). De rapporten schreef ze op kleine blaadjes zijdepapier die ze in haar kleding verstopte. Begin 1916 liep ze echter in de val. Ze werd verraden, gearresteerd en ter dood veroordeeld voor “krijgsverraad bestaande uit verspieding”. In de gevangenis van Sint-Gillis schreef ze op de muur: “Ik vraag geen genade, om de mof te laten zien dat ik mijn voeten aan hem veeg.” Op 1 april 1916 werd ze voor het vuurpeloton gezet te Schaarbeek.

(Bron Wikipedia)

See on Scoop.itDiscover Brussels – Brussel ontdekken – Découvrez Bruxelles

Advertenties